Jonathan Wilson in De Melkweg

Er zijn muzikanten die op het podium hun repertoire vertolken. En die kunnen heel goed zijn. Er zijn ook muzikanten die hun repertoire op het podium telkens opnieuw lijken uit te vinden. Dat is het echte musiceren. Neil Young is daar een mooi voorbeeld van, maar ook de man die afgelopen zaterdag in de volle oude Melkwegzaal stond: Jonathan Wilson.

In juni was hij al in het land om in de Ziggo Dome een aantal avonden achtereen als luitenant van Roger Waters de Gilmour-partijen van het Pink Floyd-repertoire te spelen en te zingen. En dat deed hij met verve. Zoals Wilson sowieso een veel gevraagd sessiemuzikant en producer is. Mensen als Conor Oberst, Father John Misty, Bonnie ‘Prince’ Billy en tal van anderen maakten reeds van zijn diensten gebruik. Omgekeerd aarzelde de inmiddels drieënveertigjarige muzikant uit Laurel Canyon bij Los Angeles niet om zijn goed gevulde telefoonklapper open te slaan als hij zelf musici nodig had voor zijn soloplaten. Begin dit jaar verscheen zijn derde en beste tot nu toe, Rare Birds, dat alom vier- en vijfsterren-recensies kreeg.

Er is iets interessants aan de hand met Wilsons muziek. Enerzijds past die feilloos in de Californische, tegen de Americana aanleunende rock- en singer-songwriterstraditie waaruit bijvoorbeeld The Flying Burrito Brothers, Jackson Browne, CSN&Y en Eagles opbloeiden. Tegelijk laat het ook andere – vooral Britse – invloeden toe. Maar ook daarin is Wilson geen koploper. Collega Neal Casal deed bijvoorbeeld halverwege vorig decennium al iets dergelijks. En menige Lust for Life-lezer zal zich uit de jaren zeventig Dan Fogelberg herinneren – ook een Californische singer-songwriter die zijn muzikale spectrum flink oprekte.

Wilson laat er wat dat betreft ook ditmaal in Amsterdam geen gras over groeien en opent – net als op zijn nieuwe album – met het overduidelijk door Pink Floyd geïnspireerde Trafalgar Square. De vier mannen in Wilsons vijfkoppige begeleidingsband ogen in ieder geval als de Floyd in de jaren zestig.

Rockend en zuigend
Van de in totaal vijftien gespeelde nummers zijn er negen afkomstig van Rare Birds. En dat garandeert al een uiterst veelzijdig concert waarbij vrijwel alle musici regelmatig van gitaar of bas naar klavieren overschakelen en weer terug. Je ziet en hoort hoe de band gedurende het eerste kwartier warmloopt. Het rockende en zuigende Over The Midnight. Even later Living With Myself, dat een mooie, broeierige, bijna J.J. Cale-achtige ‘groove’ heeft. Ook het van een ‘Byrds-sprankel’ voorziene prijsnummer van Rare Birds, There’s A Light, zit al relatief vroeg in de set.

Voor Dear Friend, van zijn album Fanfare uit 2013, haalt Wilson de ‘Dave Gilmour-sound’ weer eens tevoorschijn. De solo’s, en dus ook de songs als geheel, worden langzaam maar zeker steeds langer. Desert Raven, van het debuutalbum Gentle Spirit uit 2011, heeft die typische Stephen Stills-achtige sfeer – alsof Marrakesh Express wordt uitgevoerd door Stills’ oude band Manassas. En diezelfde vroege jarenzeventigsfeer wordt voortgezet met Angel, een Fleetwood Mac-cover van het album Heroes Are Hard To Find uit 1974; dus voordat Nicks en Buckingham bij de groep kwamen en de muziek definitief naar de mainstream zouden trekken.

Hier en nu
Het geeft aan hoezeer de muziek van Wilson ‘classic rock’ is. Maar het wordt in de Melkweg geen moment ‘retro’. Het ‘hier en nu’ straalt van het concert af. Ook in de teksten, zoals in het aan de piano gezongen 49 Hairflips, waarin Wilson de jeugd aanpakt die de hele dag op de smartphone zit te loeren: ‘We’ll be fucking, we’ll be sucking while the rest of them are posting their lives. Ahh these kids will never rock again, sign of the times.’

In de finale schuift het optreden toch nog even een tikkeltje meer naar de ‘folkroots’ met het ingetogen, op akoestische gitaar gespeelde Gentle Spirit van het debuutalbum – dat aangekondigd wordt als ‘dystopische Americana’ – en het van Fanfare afkomstige optimistische en een hart onder de riem stekende Moses Pain.

Als toegift mag er weer gerockt worden. Uiteraard. Wilson zet Valley Of The Silver Moon in alsof het Youngs Cortez The Killer is en trekt de song dan gewoon een kwartier lang keihard door. Prachtig. Wilsons laatste woord tot het publiek is ‘Peace’, dat in een ‘loop’ nog minutenlang blijft naklinken als de groep allang weer in de kleedkamer is.

Jonathan Wilson in De Melkweg, Amsterdam
Gezien op zaterdag 8 september 2018

3 Reacties

  1. Raymond 10 september 2018 Reageer

    Wat een fijne band is het toch en Wilson speelde afgelopen zaterdag de sterren van de hemel. Geweldig optreden. Zeer jammer alleen dat het publiek in de Melkweg evenals in Paradiso geen seconde de mond kan houden. Mateloos heb ik me geërgerd aan een praatziek trio dat uiteindelijk naar de bar verhuisde waar ze eigenlijk thuishhoorden. Jammer alleen dat dat de bar in de zaal was en ze vanaf daar de mensen achter in de zaal tot last waren. Respectloos!

  2. Jan 19 september 2018 Reageer

    Had pas geleden bij Sick of it all (toch een NY hardcore band van gemiddeld 110dB) in de MW oude zaal precies hetzelfde, de bar is in de oude zaal van de Melkweg dan ook, ondanks dat ze toch ergens een bar kwijt moeten, te dicht bij het podium. Hun mond gaan mensen toch niet meer houden dus dit probleem ga je niet oplossen. De eenvoudige gedachte dat als je iemand lang niet gezien hebt en samen naar een concert gaat, een paar uur eerder in een kroeg af te spreken is een naïeve gedachte met de moderne mensheid.

  3. Chris 20 september 2018 Reageer

    Misschien kan de overheid een soort Bob-campagne loslaten op het vervelende gedrag van dit soort concertgangers. Schrijf een prijsvraag uit voor mooie rijmende slogans!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.