Ian Hunter over zijn tijdgenoten

ian-hunter

Ian Hunter brengt met het nummer Dandy op zijn ijzersterke nieuwe album Fingers Crossed een ode aan wijlen David Bowie. In Lust For Life 064 lees je een uitgebreid interview met de Mott The Hoople-frontman over zijn tijd met ‘The Thin White Duke’, maar Bowie was natuurlijk niet de enige grote rockster uit de glamrockperiode met wie hij in aanraking kwam. Hunter doet zijn zegje over zes van zijn tijdgenoten.

hunter1Over David Bowie, die Mott The Hoople aan een wereldhit hielp door zijn nummer All The Young Dudes aan de band te schenken: “Eerlijk gezegd wist ik niet zo goed wat ik van hem moest denken. Met Angie [Bowies toenmalige vrouw, red.] kon ik direct goed overweg, maar David was nogal… ik weet niet. Hij was een aparte vogel. En hij had natuurlijk één raar oog. Maar hij was ook heel aardig en enthousiast. Hij had iets totaal anders dan alle andere mensen die ik ooit ontmoet heb en dat min of meer buitenaardse heeft hij later altijd gehouden. Ik weet niet of hij dat met opzet deed of dat het gewoon echt bij hem hoorde.”

hunter2Over Roxy Music: “De enige andere zogenaamde glamrock-artiesten waar ik tijdens het bestaan van Mott The Hoople naar luisterde, waren Bowie en Roxy Music. Toen we in de Air Studio in Londen een plaat aan het maken waren, waren Bryan Ferry en Brian Eno in hetzelfde gebouw ook aan het opnemen. Ze kwamen een kijkje nemen en we vertelden ze dat we nog zochten naar een producer. Het waren Bryan en Eno die ons zeiden: ‘Het klinkt goed zo, je hebt niemand nodig!’ De lp die we uiteindelijk zonder producer maakten, werd Mott [verschenen in 1973, red.], volgens de meeste mensen de beste plaat die we ooit uitbrachten!”

hunter3Over Marc Bolan, de glamrockpionier en iconische frontman van T. Rex, kan Ian Hunter heel kort zijn: “Tja, hij was heel zelfverzekerd. Een klein mannetje dat dacht dat hij groot was, maar alleen de singles van T. Rex waren goed.”

hunter4Over Queen: “Zij openden voor ons toen we in 1973 toerden. Ik kwam altijd pas binnenlopen toen ze hun laatste twee nummers speelden, maar ik kon toen al horen dat ze de songs hadden om groot te worden. Geen idee dat ze zó groot werden! Ik raakte gelijk goed bevriend met de band, ook met Freddie Mercury. Hem mocht ik heel graag, omdat hij volledig authentiek was. Zoveel sterren zijn achter de schermen totaal anders dan op het podium, maar Freddie was in beide situaties exact hetzelfde: compleet over the top en lollig.”

hunter5Aan KISS heeft Hunter een iets minder plezierige herinnering… “Ook die band stond in ons voorprogramma, wat ze normaal nooit deden. Ik weet het nog goed, want ik herinner me de vieze lucht nog. Ze hadden allemaal één leren pak en daarin speelden ze elke avond van de week. Het was ongelooflijk smerig!”

hunter6Over Dale ‘Buffin’ Griffin, de in januari overleden oud-drummer van Mott The Hoople: “Hij had Alzheimer. Toch deed Buff nog wel mee tijdens onze reünie in 2009. Het kostte hem moeite, maar hij kon de toegiften nog wel aan. Soms leek hij nog in orde. Door de jaren heen had hij heel wat wijsheid vergaard en hij was een interessante persoon om mee te praten. Maar dan zag je op een gegeven moment aan zijn gezicht dat hij helemaal in een andere wereld zat. Hij was ook heel angstig… Het is verschrikkelijk als je zoiets krijgt. Toen we voor de tweede keer weer samen kwamen, in 2013, was hij niet meer in staat om mee te doen. Hij wilde nooit voor iemand anders drummen, Mott was echt zijn band.”

Een uitgebreid interview met Ian Hunter over (onder meer) David Bowie lees je in LFL064, nu in de winkel!
Foto Ian Hunter: Ross Halfin

0 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*