NOFX: “Ik doe wel meer dingen die ik niet aan de grote klok hang”

nofx

In de achterliggende drieëndertig jaar werkte NOFX zich grotendeels op eigen kracht op tot een van de grootste punkbands van de afgelopen twee decennia. Het recent verschenen boek The Hepatitis Bathtub And Other Stories laat echter zien dat de weg daar naartoe bepaald niet zonder kuilen was. Tel daar nog het nieuwe album First Ditch Effort bij op en we hebben genoeg reden om zanger/bassist ‘Fat’ Mike Burkett eens om een toelichting te vragen.

Als het eerder dit jaar verschenen NOFX-boek de lezer iéts leert, dan is het wel dat drugs altijd een grote rol hebben gespeeld in de geschiedenis van de band. En nog steeds; zo verkondigde Fat Mike voorafgaand aan de release van het dertiende studioalbum First Ditch Effort nog dat hij het volledige opnameproces onder invloed was van allerhande verdovende middelen. Niettemin leverde de groep – die sinds 1983 actief is en geldt als een van de belangrijkste exponenten van melodieuze punkrock – toch weer een prima plaat af. Vooral op tekstueel gebied gaat het viertal zelfs dieper dan ooit. Een gevolg van Fat Mikes drugsgebruik of een logisch voortvloeisel van de vele dieppersoonlijke ontboezemingen in de gezamenlijke bandbiografie? Een paar weken voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen voorziet de inmiddels 49-jarige Californiër ons via een flink echoënde telefoonverbinding van repliek:  “First Ditch Effort is de eerste plaat die ik heb opgenomen onder invloed van drugs. Normaal gesproken ben ik in de studio juist hartstikke nuchter, maar op dat moment worstelde ik met een verslaving aan pijnstillers. Daarnaast dronk ik veel alcohol en gebruikte ik coke. Ten tijde van de opnames had ik echter al besloten dat ik daarna zou gaan afkicken. Veel songs op de plaat heb ik vanuit dat toekomstperspectief geschreven.”

Recentelijk zat je inderdaad een periode in een detoxkliniek. Was je zo verslaafd?
“Op dat moment was het nodig. Weet je, ik ben geen straatjunkie;  mijn geld raakt niet zo snel op. Als ik drugs wil scoren, kan ik tien verschillende mensen bellen. Ik had dus een plek nodig waar mensen me in de gaten konden houden terwijl ik afkickte. Uiteindelijk heb ik er echter maar zes dagen gezeten. Mijn probleem was dat ik ziek werd als ik met die pillen stopte. Bij het detoxcentrum kon ik juist ziek worden, terwijl er door bekwame mensen op me gelet werd. Detox is ook iets anders dan een afkickcentrum: het is een huis met zes patiënten en een dokter en je blijft daar totdat de afkickverschijnselen zijn verdwenen.”

Ben je nu helemaal klaar met drugs?
“Ik ga in ieder geval nooit meer terug naar dergelijke voorgeschreven pillen. Ik ben zo’n 85 dagen sober geweest, daarna ben ik weer een beetje gaan drinken. Ik probeer alles wel een stuk minder te doen. Ik hou er echter van om alcohol te gebruiken voor een show. Zonder alcohol kan ik het ook wel, alleen is het dan lang niet zo leuk!”

In het nummer Oxy Moronic richt je je pijlen op de farmaceutische industrie. Waarom?
“Ik ben op mijn 32ste begonnen met drugs. Zo’n zeventien jaar lang gebruik ik dus zo af en toe coke en XTC. Dat was nooit een probleem. Twee dokters kregen het echter voor elkaar om me verslaafd te maken aan de pillen die zij maar bleven voorschrijven. Ineens drong het tot me door: ze wíllen gewoon dat je eraan verslaafd raakt zodat je iedere week langs blijft komen! Zo blijven ze je geld uit de zakken kloppen. In Europa is het veel beter geregeld. Jullie decriminaliseren straatdrugs, maar leggen het achteloos voorschrijven van zware pijnstillers juist aan banden.”

First Ditch Effort is een vrij zwaarmoedig album geworden. Is dat ook een gevolg van die verslaving?
“Het is inderdaad een erg persoonlijke en zware plaat, maar dat geldt ook voor zijn voorganger. Omdat wij grappig doen op het podium denkt men echter vaak dat we een grappige band zijn, maar een groot deel van al onze nummers is juist behoorlijk  serieus en donker. Je hebt wel gelijk dat First Ditch Effort nog verder gaat. Dat komt vooral door ons eerder dit jaar verschenen boek. Als je dergelijke persoonlijke verhalen eenmaal op papier gezet hebt, wordt het een stuk makkelijker om je ook in je muziek verder open te stellen.”

Een goed voorbeeld daarvan is het nummer I’m So Sorry Tony, over je vriend Tony Sly [zanger/gitarist van No Use For A Name, red.], die in 2012 overleed…
“We waren erg close. Zijn overlijden deed me meer dan de dood van mijn eigen ouders of die van andere vrienden. De laatste jaren van zijn leven worstelde hij met een verslaving. Precies hetzelfde: ook aan medicijnen die waren voorgeschreven door een dokter. Hij kampte met nekpijn en vliegangst, waar hij een hele hoop pillen voor kreeg. Zijn dood was een ongeluk; voor het eerst in vijftien jaar moest hij in zijn eentje vliegen. Hij nam die pillen met alcohol. Thuis aangekomen is hij gaan slapen en hij werd nooit meer wakker.”

In het nummer zit de regel: ‘Tony, you make me see myself in a way I don’t wanna see’. Wat bedoel je daarmee?
“Dat heeft te maken met onze dochters. Ze zijn allebei 12 jaar en beste vriendinnen. Ik zie een hoop verdriet in Tony’s dochter. Na zijn dood heb ik mijn drugsinname aangepast; ik wil mijn dochter niet hetzelfde aandoen.”

Je noemde zojuist al de gezamenlijke bandbiografie. Wanneer kwam je op het idee voor dat boek?
“Onder andere na het lezen van de autobiografie van Mötley Crüe. Veel mensen vonden dat een erg gaaf boek. Ik dacht: shit, onze verhalen zijn nóg maffer en donkerder! Als ik de rest van de band zover zou krijgen om de volledige waarheid te vertellen, dan zou het een geweldig boek op kunnen leveren.”

Er staan nogal wat heftige, dieppersoonlijke ontboezemingen in, zoals over het junkieverleden van Smelly [drummer Erik Sandin] en de verkrachting van de ex-vriendin  van [gitarist Eric] Melvin – waar hijzelf tot voor kort zelfs helemaal niks van wist…
“Er kwamen inderdaad allerlei zware dingen boven, waaronder ook het verhaal dat Melvin als kind misbruikt is. Ik had daar geen idee van, net zoals sommige bekentenissen van Hefe [gitarist Aaron Abeyta] en Smelly. We zijn mannen; over veel dingen praten we nu eenmaal niet. In het boek kwam alles echter naar buiten. Ik had van tevoren ook geen idee dat Smelly het hele boek zou kapen, maar zijn verhalen zijn gewoon het best. Door al die ontboezemingen zijn we inmiddels wel iets opener naar elkaar geworden.”

In het boek, maar ook in het nieuwe nummer I’m A Transvest-lite, praat jijzelf openhartig over je keuze om zo nu en dan als hetero vrouwenkleding te dragen. Wanneer ben je daarmee begonnen?
“Als jochie trok ik me voor de allereerste keer af bij een BDSM-verhaal over een onderdanige man die door zijn echtgenote werd aangekleed als vrouw. Dat was mijn hele seksualiteit tot aan mijn twaalfde. Alleen tieten en vagina’s deden het niet voor mij. Het zien van de film The Rocky Horror Picture Show had eveneens een grote impact op me; het was de eerste keer dat ik een man in vrouwenkleding zag. Ik heb echter nooit ook daadwerkelijk een vrouw willen zijn.”

Inmiddels ben je bijna vijftig. Waarom kom je nu pas zo openlijk voor die ‘hobby’ uit?
“In de L.A.-punkscene van de jaren ’80 werd je al in elkaar geslagen als je lang haar had. Hij werd gedomineerd door gangsters; niet bepaald een homo- of travestievriendelijke omgeving. Daarnaast is het gewoon iets wat ik in mijn privéleven doe. Ik bedoel, ik doe wel meer dingen die ik niet aan de grote klok hang. In het boek kom ik immers ook uit de kast als pisdrinker, haha!”

Iets anders: de Amerikaanse presidentsverkiezingen komen er aan. In 2002 startte jij de website punkvoter.com om jongeren over te halen om tegen de herverkiezing van George W. Bush te stemmen. Twee  jaar lang zat je in allerlei talkshows. Heb je er ooit over gedacht om Punkvoter nieuw leven in te blazen nu Donald Trump een gooi naar het presidentschap doet?
“Niet echt en daar heb ik verschillende redenen voor. Bij Bush was het nodig dat mensen hoorden hoe slecht hij was. En hoewel hij uiteindelijk herkozen werd, hebben we toch een paar honderdduizend mensen overtuigd om tegen hem te stemmen. Die Donald Trump-stemmers zijn echter knettergek. Die gaan echt geen serieus gesprek met mij aan. Als wij in ‘swing states’ spelen doe ik mijn zegje op het podium, maar daar laat ik het ditmaal bij. Ik heb mijn burgerplicht eerder al vervuld. Ik haatte het en het heeft me twee jaar van mijn leven gekost. Ik had er geen zin meer in.”

Stel dat Trump inderdaad verkozen wordt, zijn we dan allemaal de pineut?
“Als hij wint is dat verschrikkelijk. Het ding is echter dat zowel het leger, de republikeinen en de democraten hem allemaal haten. Die zullen hem geen grote beslissingen laten nemen. Zoveel macht heeft de president van Amerika dus eigenlijk niet. Toch maakt het wel degelijk verschil wie er gekozen wordt. (grinnikend) De wereld gaat toch wel naar de klote, maar Trump zal dat proces zeker versnellen.”

0 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*