Met maar een podium lijkt het tweedaagse Holland International Blues Festival op het platteland van Grolloo een kleinschalige dorpsaangelegenheid. En dat is het qua sfeer ook. Maar vergis je niet: achter het dorpscafé staat de grootste feesttent van Europa en die biedt plaats aan een kleine veertienduizend bezoekers. Het festival is compleet uitverkocht en dat is maar goed ook, want er loopt voor een slordige 1 miljoen euro aan artiesten over het podium. Alleen ZZ Top kost al een kwart miljoen en dan hebben we het nog niet gehad over het prijskaartje om de nek van Van Morrison en Lynyrd Skynyrd.
Als je toch een bluesfestival op touw wilt zetten, moet je het ook goed doen, meent mede-organisator Johan Derksen. Zeker als je wel een paar centen hebt stuk te slaan. En daar is hij zowel deze vierde en de editie van vorig jaar samen met Gregory Elias en Jan Lagendijk wat mij betreft prima in geslaagd. Want met namen als ZZ Top, Van Morrison en Lynyrd Skynyrd heb je toch wel de bovenlaag uit de wereld van de bluesrock, r&b en southern rock te pakken. Maar natuurlijk is ook het gitaarwonderkind Jonny Lang niet te versmaden. En achteraf blijken minder bekende goden als Curtis Salgado, Danielle Nicole, Gary Clark Jr., Eric Gales, St. Paul & The Broken Bones en Delgrès voor een groot deel van het publiek aangename verrassingen te zijn. Kortom, het was dit weekend op het Drentse platteland volop genieten van Amerikaanse bluesmuziek in al z’n kruisbestuivingen.
Vrijdag
Met haar tomeloze energie weet de Amerikaanse blueszangeres Danielle Nicole vrijdagmiddag met haar rauwe stem en adequaat basgitaarspel de stemming er aardig in te krijgen. Ook zanger/mondharmonicaspeler Curtis Salgado weet van wanten. Hij beschikt over een gloedvolle soulstem waarmee hij z’n publiek moeiteloos bij de les weet te houden. Muziek die balanceert op de smalle scheidslijn van grote stadsblues, soul en r&b.
En dan is de beurt aan Jonny Lang. Een man die met zijn inventieve en scheurende gitaarsolo’s net als Kenny Wayne Shepherd al sinds zijn vroege tienerjaren op de planken staat. Lang is inmiddels een dertiger en een rasartiest die uiterst beheerst de ene na de andere inventieve gitaarlick op z’n publiek loslaat en niet schroomt een flinke vleug gospel door zijn muziek te mixen. Nee, hij maakt er geen geheim van dat hij in de Heer is.
Lang is een goed opwarmertje voor Van Morrison, de zingende non-conformist. Zwart streepjespak, parmantig blauw hoedje, grote zonnebril en mondharmonica op zak. Met z’n zeskoppige band is hij er helemaal klaar voor. Nummers als Ride On Josephine van Bo Diddley, Boppin’ The Blues van Carl Perkins en de massaal meegezongen Ray Charles-klassieker I Can’t Stop Loving You maken duidelijk dat deze man nog niets aan dynamiek verloren heeft. Al communiceert hij nog steeds niet met zijn publiek en kondigt hij geen enkel nummer aan. Maar dat hoeft ook niet, want de festivalgangers hebben er meer dan genoeg aan om de breedgeschouderde muzikant tevreden grommend en brommend achter de microfoon te zien staan, daarbij beurtelings blazend op de mondharmonica en saxofoon. Uiteraard blikt Morrison ook even terug op zijn gloriedagen met Them en komen het onverslijtbare Gloria en Here Comes The Night voorbij.
Maar de echte uitsmijter van deze vrijdag is toch wel ZZ Top. Vijftig jaar op pad inmiddels en nog altijd in dezelfde bezetting: Billy Gibbons op gitaar, Dusty Hill op bas en Frank Beard op drums. En die laatste nog altijd zonder baard. Echte vrienden zijn ze allang niet meer, maar man, wat een dijk van een show weten ze nog altijd neer te zetten. Ik zag ze in 1977 voor het eerst, toen nog zonder lange baarden, in gewone spijkerbroeken en met een nepstier als rugdekking. Toen bestond een ZZ Top-show ook al voor driekwart uit briljante laag-bij-de-grondse gitaarsalvo’s van Gibbons en anno 2019 is dat eigenlijk niet eens zo veel veranderd, constateer ik na al die jaren. Nummers als Tush, Jesus Just Left Chicago en La Grange prijken nog altijd op de setlist van dit opmerkelijke Texaanse trio. Door de muziek aan te lengen met een scheutje elektronica brak ZZ Top in de jaren tachtig internationaal door. Gimme All Your Lovin', Sharp Dressed Man en Legs zijn uitgegroeid tot regelrechte klassiekers en hebben bluesrock opnieuw op de kaart gezet. Vrijdagavond kwamen al die hits weer voorbij, in een onderkoelde, stroperig trage versie. Moddervet, maar fascinerend.
Zaterdag
De tweede dag gaat het festival onverdroten verder. Het wordt weer een mooi dagje, want opnieuw is de variatie groot. Met de geboekte artiesten krijgt het publiek op deze tweede festivaldag een evenwichtige mix van soul en blues voorgeschoteld. De dag wordt geopend door Delgrès, een trio dat is geformeerd rond de Franse gitarist en zanger Pascale Danaë en ook hij weet dat je met de bekende twaalf maten heel wat leuke kunstjes uit kunt halen. In z’n muziek hoor je zowel The Black Keys als John Lee Hooker terug.
Onvervalste soul komt uit de kelen en instrumenten van de achtkoppige band St. Paul & The Broken Bones uit Birmingham, Alabama. Boegbeeld is zanger Paul Janeway die een puike show weet neer te zetten. Hij is een man die de brede gebaren niet schuwt en een enorme strot op kan zetten. Hij schroomt daarbij niet om als een heuse televisiedominee met zegenende handen het publiek in te lopen. De gitarist Eric Gales lijkt bij vlagen de reïncarnatie van Jimi Hendrix en Stevie Ray Vaughan, vooral als hij nog eens Hendrix z’n Voodoo Chile breed uitmeet. Saillant detail: Gales is rechtshandig, maar heeft gitaarspelen geleerd van zijn broer die linkshandig is. Daardoor heeft hij zich aangeleerd om ook linkshandig te spelen, net als Hendrix dus. Waarvan akte.
Gary Clark Jr. komt uit Austin, Texas, draagt net als wijlen Stevie Ray Vaughan een veer op zijn cowboyhoed en trekt bij elke gitaarsolo een gezicht alsof iemand bezig is hem te wurgen. Met zijn inventieve spel op de zes snaren bewijst Clark terecht de Nieuwe Hoop van de blues te zijn door de grenzen van dit genre flink op te rekken. Als Eric Gales tegen het eind van de set met z’n gitaar onderste boven Clark een handje komt helpen, krijgt het festival een compleet onverwacht hoogtepunt. "Beter dan dit kan het niet worden", zucht een bezoeker met glinsterende ogen.
Ik kan er niets aan doen, maar Lynyrd Skynyrd is voor mij nog altijd Ronnie Van Zant en Sweet Home Alabama. Ronnie is allang dood, maar Sweet Home blijft trots op de setlist van de groep staan. Van de muzikanten die zaterdagavond in Grolloo het podium beklimmen, is alleen gitarist Gary Rossington over van de oorspronkelijke bezetting. Maar Ronnie’s broer Johnny Van Zant is natuurlijk een belangrijke pijler onder de groep. Lynyrd Skynyrd staat anno 2019 nog altijd voor oerdegelijke southern rock, zonder opsmuk. Weinig subtiel worden onveranderd twee sologitaristen in stelling gebracht om het publiek onder vuur te nemen met daverende salvo’s. Gespierde rock uit het diepe zuiden van de Verenigde Staten die volkomen tijdloos is. Lynyrd Skynyrd gaat er naar eigen zeggen binnenkort mee stoppen. Het vuur is bezig te doven, maar daar valt in Grolloo nog weinig van te merken. De groep is een waardige afsluiter van dit bijzondere festival. Volgend jaar wordt het driedaags feest, belooft Johan Derksen na afloop gul.
Holland International Blues Festival 2019
Gezien op 14 en 14 juni
Foto's door Ans van Heck


