The Posies blijft een wat vreemde rockband. Twee ZZP'ers in de rock, die om pragmatische redenen een verbond hebben gesloten, lijkt het wel. Hoewel dat ook weer niet klopt – Ken Stringfellow en Jon Auer kennen elkaar al van kinds af aan. Oude schoolvrienden. Maar ze weten drommels goed dat ze in hun eentje, onder hun eigen naam, amper een paar dozijn bezoekers trekken. Dat bleek enkele maanden geleden nog toen Auer naar het Patronaatcafé kwam. Als ‘Posies’ wisten ze echter zondagavond de kleine Patronaatzaal redelijk te vullen, al was het niet met de aantallen die ze in de jaren negentig op de been brachten. Maar de jaren negentig zijn ook allang voorbij en The Posies is niet het soort band dat het nostalgie-gen activeert.
Uiteraard is er nog een factor die de podiumtandem van Auer en Stringfellow een meerwaarde geeft boven de som van beide solisten: de combinatie van hun stemmen. Liedjes schrijven kunnen ze allebei. Over wie het beste zingt kun je twisten – mijn voorkeur gaat uit naar Auer. Maar dat de mix van hun beide stemmen de werkelijke troef van The Posies is, staat buiten kijf. Zoals dat ook geldt voor Gary Louris en Mark Olson bij The Jayhawks, een groep waarmee The Posies wel meer gemeen heeft.
Auer en Stringfellow begonnen hun band in de jaren tachtig in Bellingham, Washington, in het uiterste Noordwesten van de Verenigde Staten. Pakweg honderd kilometer ten noorden van Seattle waar niet veel later de grunge zou uitbarsten. The Posies bleef altijd in de schaduw van de veel meer aan de tijdgeest appellerende grungebands. De ‘powerpop’ van het duo had – en heeft – iets tijdloos en tijdloosheid lijkt ook vaak onzichtbaar te maken.
Uitzendkrachten
De overeenkomsten met The Jayhawks, die grofweg een vergelijkbare carrière-ontwikkeling doormaakten, zijn al genoemd – twee songschrijvers, twee samensmeltende stemmen. Maar een verschil is dat The Jayhawks altijd met een vaste ritmesectie hebben gewerkt, terwijl de bas- en drumvacatures bij The Posies door de jaren heen nogal eens met uitzendkrachten leken te worden opgevuld. Wat niet wil zeggen dat er in de loop der jaren geen goede bassisten en drummers voorbij kwamen. Hele goede zelfs.
Het verklaart in ieder geval een hoop over het concert dat de band zondagavond in Haarlem gaf. Met Joe Skyward op bas stond daar driekwart van de groep waarmee The Posies het album Amazing Disgrace uit 1996 maakte. Die plaat werd in het Patronaat ook in z’n geheel gespeeld, gevolgd door nog een handvol songs van onder meer Frosting On The Beater uit 1993 – de favoriete Posies-plaat van velen – en Blood/Candy uit 2010.
Aangenaam 'sloppy'
Goed beschouwd is The Posies sinds 1998, toen het album Success verscheen, een rockband op projectbasis. Stringfellow en Auer hebben en hadden hun solowerk en productie- en sessieklussen – Carice van Houten, R.E.M., Big Star – en komen om de zoveel tijd weer bijeen om met een beschikbare ritmesectie een album op te nemen of een tourtje te doen. Zo klinkt het en zo voelt het, wat overigens geen bezwaar hoeft te zijn. Het maakt de rock van The Posies wel aangenaam ‘sloppy’ – powerpop dreigt immers nogal eens te glad en te glibberig te worden als het te gepolijst gespeeld wordt. Daar is bij Auer en Stringfellow geen sprake van. Eerder loopt het uit de hand door te veel nonchalance, waarbij de volumeknop maximaal wordt opengedraaid. Daarvan is ditmaal in het Patronaat gelukkig geen sprake. En telkens als de twee mannen samen zingen is er weer zo’n ‘hemel-op-aarde-momentje’.
Tegelijk heb ik bij The Posies voortdurend het gevoel dat er nog méér in zou zitten als ze wat harder oefenden. Als de twee gitaren van Auer en Stringfellow elkaar bijvoorbeeld net zo mooi aan zouden vullen als hun stemmen doen. Het is de keerzijde van de ‘projectgroep’. Iets dergelijks geldt voor de setlist die bijna exact gelijk is aan de drie concerten die The Posies een klein jaar geleden in ons land gaf. Geen verrassingen. Geen curieuze covers. Geen verwijzingen naar hun Alex Chilton-avonturen of een knipoog naar de vroeger vaak gemaakte vergelijkingen met The Hollies – King Midas In Reverse hadden ze ooit wel degelijk in het repertoire. Ditmaal is het gewoon The Posies speelt The Posies, al levert dat genoeg sterke songs op.
Subtopper
The Posies is een gerespecteerde band, maar heeft het nooit verder geschopt dan ‘subtopper’. Dat heeft ongetwijfeld te maken met de persoonlijkheden van Auer en Stringfellow, die geen van beiden het charisma van een geboren frontman hebben. Beiden lijken het best te functioneren als ‘sideman’. En bij The Posies zijn ze dat in feite voor elkaar.
Iets dergelijks geldt ook voor de concerten. Het is alsof de twee bang zijn om alle details, alle finesses, onder handen te nemen. Alsof ze bang zijn het ‘perfecte’ concert neer te zetten, waarna ieder volgend optreden overbodig wordt. The Posies laat elk concert de indruk na eigenlijk beter te kunnen. Maar misschien is dat ook wel de manier om de fans telkens weer terug te laten komen.
The Posies in Patronaat, Haarlem
Gezien op zondag 10 augustus 2014


