Muziek is oorlog

Muziek is oorlog - top2000

Begin december, als de Top 2000 van start gaat, moet ik altijd even denken aan de gevleugelde uitspraak van Rinus Michels: ‘Voetbal is oorlog’. Inmiddels ben ik erachter dat voetbal eigenlijk slechts een schoolpleinruzietje is, muziek, dát is pas oorlog en de Top 2000 is de grote, allesbeslissende veldslag.

Dat heeft natuurlijk alles te maken met de emotie die muziek met zich meebrengt. Bij Lust For Life weten we er alles van. Als een nieuwe medewerker bij ons voor de eerste keer een ietwat negatieve recensie schrijft, staan wij al klaar, want je kunt de klok erop gelijk zetten: de mailbox stroomt vol met reacties en de recensent krijgt flink wat over zich heen. Als we hem dan onder zijn bureau vandaan hebben weten te krijgen, een nat washandje in zijn nek hebben gelegd en met een neut tot bedaren hebben gebracht, leggen we het altijd even uit: schrijf je negatief over muziek die door anderen wel mooi wordt gevonden – en dat is toch bijna altijd het geval – voelen de liefhebbers zich aangevallen. En op zo’n moment veranderen fans van willekeurige bands in F-sides waar Ajax jaloers op zou zijn.

Dat snap ik overigens heel goed. Want als er íets is dat ons op zo’n heftige emotionele manier kan raken, is het muziek. Iedereen weet nog die eerste keer dat hij omver werd geblazen door een song, waar hij was, of de zon scheen of het regende en hoe het rook. Een muzikant kan met één akkoord of zin je terug bij je moeder aan de keukentafel doen belanden of je eerste concert doen herbeleven.

Daarbij geeft muziek identiteit. Metalliefhebbers zijn trots op het genre en vreten iedereen die zich er negatief over uitlaat met huid en haar op. Geldt overigens ook voor disco-, jazz- en rockfanaten. Je kunt op een verjaardag beter tussen een Feyenoord- en Ajax-fan zitten, dan in de jaren zestig tussen een Beatle- en een Stones-adept. Rivaliteit die zijn weerga niet kent.

Pleitbezorgers
Toch blijft het meeste fanatisme onder het oppervlak sluimeren en loopt lang niet iedereen te koop met zijn smaak. Maar dat verandert begin december als de Top 2000 in het zicht komt en Matthijs van Nieuwkerk en Leo Blokhuis enige weken later hun kroeg op televisie weer openen. Dan worden je buurvrouw, de taxichauffeur op de zaterdagavond en je pizzabezorger opeens pleitbezorgers voor hun zaak. Overal ontstaan lobbygroepen die met een fanatisme waar je u tegen zegt, proberen hun favoriete songs in de lijst te krijgen. Boudewijn de Groot op één, was het credo een aantal jaren terug. Het lukte en de mensen achter het initiatief onthaalden de overwinning alsof ze zonet de Champions League hadden gewonnen.

Ook mooi: het onbegrip over songs die hoger in de lijst staan dan sommige mensen zouden willen. Ik heb mensen vloekend tegen de radio tekeer zien gaan omdat ABBA een paar plaatsen hoger stond dan Emerson, Lake & Palmer. Of die de lijst van de Top 2000 woedend in een hoek gooien omdat Bohemian Rhapsody wéér op één staat, terwijl dat in hun ogen toch echt Pink Floyd moet zijn.

Is dat sneu, is dat triest? Welnee. Het geeft weer eens aan hoe muziek onder de huid kan kruipen en emoties losmaakt. Er wordt weleens gezegd dat muziek niet meer zo intens beleefd wordt als vroeger. Maar volgens mij is dat dikke onzin: honderdduizenden mensen nemen tegenwoordig de tijd om hun platen voor de Top 2000 aan te dragen en springen daarvoor ook nog eens op de barricades. Het zorgt er jaarlijks voor dat we een prachtige lijst met tweeduizend mooie liedjes hebben. En muziek mag dan zeker oorlog zijn, als de rookpluimen op het Top 2000-slagveld zijn opgetrokken hebben we toch allemaal een beetje gewonnen.

1 Reactie

  1. Patrick Heemskerk 23 december 2013 Reageer

    Leuk stukje! Muziek is inderdaad oorlog haha

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.