Motorpsycho in Paradiso Noord

Weinig rockbands zijn zo ambachtelijk als Motorpsycho. Ambachtelijk in de zin dat de groep live geen bestaand werk reproduceert, maar echt ieder concert weer nieuwe muziek maakt. Ook als het stukken betreft die de fans reeds van de platen kennen. Motorpsycho speelt ze niet alleen alsof de band ze ter plekke opnieuw uitvindt, maar doet dat daadwerkelijk. Al dertig jaar lang wordt geen twee avonden achtereen dezelfde setlist gespeeld. Zo houdt de groep het zowel voor zichzelf als voor het publiek spannend. Gisteravond in Amsterdam weer.

Dit jaar verscheen het album The Crucible – hun zevenentwintigste of achtentwintigste, dat laat zich niet meer goed natrekken vanwege het aantal platen dat exclusief bij concerten wordt verkocht. The Crucible ligt in het verlengde van het dubbelalbum The Tower uit 2017, maar vormt daar formeel géén tweeluik mee. Beide platen laten de groep horen zoals die zich in feite al tien jaar manifesteert.

Na een serie overrompelende rockalbums in de jaren negentig, gooide Motorpsycho rond de eeuwwisseling het roer plotseling om en maakte enkele platen die regelrecht geïnspireerd leken door The Beach Boys en de Californische folkpop van Crosby, Stills & Nash. De laatste tien jaar laat de band al die stijloefeningen weer samensmelten tot een soort uitgesponnen progrock-suites die niet zelden een kwartier tot een half uur omvatten, zeker op het podium.

Gebleven is echter de intensiteit waarmee gemusiceerd wordt en die alles te maken heeft met de hiervoor reeds genoemde ambachtelijke attitude. Ook in Amsterdam. De tijd dat de band in ons land nog zalen met duizend bezoekers vulde, zoals in de late jaren negentig, is wel voorbij. Destijds was Motorpsycho nog gewoon even een hype. De meelopers zijn afgehaakt, de echte liefhebbers gebleven.

Groef
Consequentie van iedere avond de muziek opnieuw willen uitvinden is dat er altijd een aanlooptijd nodig is. Inspiratie schep je niet uit een potje. Het is ook de reden dat concerten van Motorpsycho doorgaans twee tot drie uur duren. De groep moet ieder optreden weer de juiste groef vinden – of beter, de juiste ‘groove’. Dat kan een kwartier duren, een half uurtje, maar ook een uur.

Ditmaal, in Paradiso Noord, was het er in feite bij het eerste nummer al. Ook weer niet zo verbazend als je bedenkt dat bassist-zanger Bent Sæther en gitarist Hans Magnus Ryan dit jaar beiden hun vijftigste verjaardag vieren en daarvan al dertig jaar samen in deze band zitten. Dan ben je in ieder opzicht wel heel erg goed op elkaar ingespeeld.

Na de tot ruim tien minuten opgerekte openingssong In Every Dream Home, van het Tower-album, dreigt het optreden echter direct weer wat in te kakken bij het al even uitgesponnen, maar mattere The Alchemyst van het elf jaar oude Little Lucid Moments. Dat blijkt echter slechts schijn. Na enkele minuten worden er subtiele dub-effecten aan het gitaar- en basgeluid toegevoegd. En uiterst geconcentreerd spelend wordt er in tien minuten een opwindende rocktrance neergezet. In het daaropvolgende, wat directere Mountain wagen Sæther, Ryan en extra tourmuzikant Lars Horntveth zich zelfs aan een ZZ Top-achtig dansje.

Tomas Järmyr verving in 2017 drummer Kenneth Kapstad en was er bij het vorige Paradiso Noord-concert van Motorpsycho, in oktober van dat jaar, ook al bij. Maar hij heeft inmiddels hoorbaar aan zelfverzekerdheid gewonnen en neemt nu ook duidelijk initiatieven tijdens de lange improvisaties.

Potje
Zwakste schakel bij Motorpsycho blijven de zangpartijen. Op de platen klinken die goed – in de studio kan er eindeloos aan geschaafd worden. Maar op het podium lukt het de beide veteranen maar niet om zuiver recht vooruit te zingen. Vooral Ryan maakt er nogal een potje van. Waarschijnlijk zijn de soms tenenkrommende vocalen ook een belangrijke reden dat de groep nooit het Paradiso-formaat is ontstegen, hoewel de mannen daar qua instrumentale kwaliteiten en repertoire goed genoeg voor zou moeten zijn.

Zo klonk A Pacific Sonata van The Tower door de zang in eerste instantie helemaal nergens naar, terwijl het vervolgens via een ingetogen opgebouwde gitaarpartij van Ryan langzaam maar zeker tot een van de mooiste climaxen van het concert kwam. De finale is sterk – want relatief weinig zang en veel heftige snarenpartijen. Psychotzar van het recente Crucible-album begint met een Black Sabbath-achtige intro-riff, waarna Ryan zijn lange gitaarsolo ook helemaal in klassieke hardrockstijl houdt. Daarmee bewijst hij voor de zoveelste keer zijn klasse, want iedere gitaarpartij gedurende het twee uur en drie kwartier klokkende concert is weer anders en altijd verrassend.

Er wordt zelfs nog even diep in de jaren negentig gedoken met nummers van albums als Lobotomizer, Trust Us en Blissard. Maar uiteindelijk klinkt het allemaal als 2019, omdat Motorpsycho ze op het podium gewoon weer opnieuw componeert.

Motorpsycho in Paradiso Noord
Gezien op 30 sept 2019

0 Reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.