The B-52s in TivoliVredenburg (live-recensie)

  • The-B-52s

Een zomers muziekfeest waarop flink gedanst mag worden, daar kun je The B-52s goed bij hebben. De bezoekers van het Utrechtse TivoliVredenburg hadden het goed voor elkaar: dansbare grooves, levendige performers en flink wat meezingers. Wat wil een mens nog meer?

Eerst maar even de feiten: de band werd opgericht in 1976, maar heette tot 2008 The B-52’s. Daarna werd afscheid genomen van de apostrof. Drie van de artiesten die we vanavond zien optreden waren er in het begin al bij, zodat ze het halve-eeuwfeest kunnen vieren. Cindy Wilsons broer Ricky overleed in 1985, Keith Strickland verwisselde in 1985 de drums voor een gitaar en gaat tegenwoordig niet meer mee op tournee. De harde kern is aangevuld door een aantal kundige muzikanten. Doel voor de band was altijd om samen plezier te hebben en ook vanavond straalt men dat uit.

Vrolijke poppenkast

‘Quirky’, dat is het woord dat aan The B-52s lijkt te kleven. ‘Eigenzinnig’ maar toch ook ‘maf’. De bandnaam is afgeleid van de exorbitante kapsels die Kate Pierson en Cindy Wilson zich destijds hadden aangemeten en ook nu is de verkleedkast grondig geplunderd. De vergelijking met stripfiguren, ‘larger than life’, wordt vaker gemaakt. We kijken deze avond naar een vrolijke poppenkast.

De aftrap in de vorm van Planet Claire zet de toon: Pierson maakt hoge geluiden als een klassieke sirene, over wat Fred Schneider doet zijn de experts het niet eens: is het praten of zingen? Het heeft ritme, cadans en enige variatie in toonhoogte, dus we houden het op zingen. Beiden geven de band het heel eigen geluid. Cindy Wilson lijkt vanavond wat meer ingetogen. Als ze na Mesopotamia Give Me Back My Man inzet, blijkt haar stem vrij dun te zijn. En om een olifant in de kamer te vermijden: we gaan vanavond af en toe een valse zangtoon horen. De instrumenten, het spektakel en het aansprekende oeuvre compenseren dat echter voldoende.

Dubbelzinnige titel

Na Lava horen we Topaz en voor een Nederlands publiek moet het haast onmogelijk zijn nu niet aan Gruppo Sportivo te denken. Juist dit nummer had naadloos door de Hagenaars kunnen worden opgenomen in hun set. (En de Bombita’s zijn vaster bij stem…) Schneider verdwijnt van het podium voor 52 Girls en Roam. Slimme oplossing, hij is geen zeventig meer. Bij Party Out Of Bounds komt hij, ‘Surprise!’ roepend, weer tevoorschijn. Pierson tikt overigens over minder dan twee jaar de tachtig aan, maar zij gaat onverdroten verder. Dirty Back Road staat niet altijd op de setlist, maar is juist in Nederland populair. Kate wijst ons fijntjes op de dubbelzinnige titel.

Private Idaho verscheen destijds jaren voor de gelijknamige film en The B-52s behoort daardoor tot de selecte groep bands waarvan een songtitel een staande uitdrukking werd (Dylan en The Who gingen hen bijvoorbeeld voor met The Times They Are A-Changin’ en The Kids Are Alright). Love Shack is het hoogtepunt van de avond. Wie heel veel over dit nummer te weten wil komen, verwijzen we graag door naar de interessante One Song-podcastserie. Daar leren we onder andere dat de tekst komt van vele willekeurige gele post-its die de band in het wilde weg verzamelde en waarmee door te schuiven producer Don Was (inderdaad van Was (Not Was)) in tien minuten een songtekst in elkaar puzzelde. De apotheose van het nummer bestaat uit de woorden ‘Your what? Tin Roof Rusted!’, het verhaal daarachter vertelt Was ook.

Natuurlijk eindigt de avond met Rock Lobster. Tientallen zeedieren worden genoemd, de afwisseling in akkoorden doet duizelen, het is vooral leuk, opwindend en aanstekelijk. Quirky, maar dan op een goede manier. Zoals de hele avond.

The B-52s in TivoliVredenburg, Utrecht
Gezien op donderdag 25 juni 2026
Foto’s door Ans van Heck

0 Reacties

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *