Larkin Poe in 013 (live-recensie)

  • larkin-poe

Het is niet makkelijk om een zaal die deels gevuld is met metalheads stil te krijgen, maar Larkin Poe flikt het maar mooi. Halverwege de show in 013 verzamelen de zussen Rebecca en Megan Lovell zich rond een enkele microfoon met hun drie mannelijke begeleiders, de elektrische gitaren worden tijdelijk verruild voor een banjo, mandoline en meer van dergelijke traditionele instrumenten. Je hoort alleen het piepen van schoenen die over de vloer schuiven en een enkeling durft nog een cola te bestellen bij de bar. En dan dompelen de Lovells zich tijdens dit akoestische blok onder in de stijl waarmee het allemaal begon voor Larkin Poe. ‘Putting the blues in bluegrass’, zoals ze het zelf noemen.

Rebecca en Megan Lovell mogen zich dan wel in de meest succesvolle fase van hun loopbaan bevinden dankzij de stevige Southern rock die ze tegenwoordig voornamelijk spelen, bluegrass was hun eerste grote muzikale liefde. “Toen we een jaar of dertien waren, namen een paar vrienden ons mee naar een bluegrass-festival”, vertelde Megan eens in een interview met Lust For Life Magazine. “Wat we daar hoorden, veranderde onze opvatting over muziek helemaal.” Ze vormden een akoestisch trio met hun zus Jessica, maar zij kon zich niet fulltime toewijden aan de band. En dus gingen Megan en Rebecca met z’n tweetjes verder. Ze waren naar eigen zeggen immers ‘verslaafd aan muziek’.

Bluesgrass-roots

Als Larkin Poe blijven ze echter hun bluegrass-roots trouw, ook al geven ze vanavond in 013 toe dat het genre een beetje uitstervende is. Of beter gezegd: juist daaróm doen ze dat. Het akoestische blok in het midden van de show stelt het duo volop in de gelegenheid hun close harmony (‘blood harmony’, zouden ze het zelf noemen) te etaleren, wellicht de meest betoverende die in Nederland geklonken heeft sinds de Eagles hier voor het laatst optraden. Ze spelen onder meer fanfavoriet Mad As A Hatter, over hun aan schizofrenie lijdende grootvader. Is het tijdens de rest van de show vooral Rebecca die het woord voert, hier stapt Megan naar voren voor aangrijpende inleidende woorden waarmee ze aandacht vraagt voor psychische stoornissen. Ook Little Bit van het nieuwste album Bloom (2025) wordt heel klein gebracht, opnieuw met die zuivere harmonieën. ‘More ain’t always more’, klinkt het oh zo toepasselijk.

‘Women kick ass’

De akoestische set is niet zomaar een leuk uitstapje in een verder behoorlijk heavy optreden, dit ‘unplugged’ intermezzo voorkomt ook dat de muziek van Larkin Poe te eenvormig wordt. In het eerste deel van de avond ramden Megan en Rebecca er immers stevig op los, onder meer met de Bad Company-achtige bluesrocker Easy Love Part 1 en het broeierige If God Is A Woman, waarmee ze zich verzetten tegen het typecasten van vrouwen (‘If God is a woman the devil is too’). Rebecca vraagt of er vanavond ook dames in de zaal staan, wat vervolgens luid bevestigd wordt. ‘Women kick ass’, concludeert de zangeres/gitarist opgetogen.

De drie medemuzikanten achter hen zijn gehuld in duisternis, en dus trekken de zussen in de ‘elektrische’ sets de aandacht naar zich toe (al verdient vooral de uitstekende drummer Ben Satterlee hier ook een vermelding). Rebecca zingt met een vergelijkbare sound en bezieling als Susan Tedeschi, terwijl ‘Slide Queen’ Megan haar handen over haar instrument laat razen als een Derek Trucks. Rebecca zelf trekt hier en daar ook een stekelige solo uit haar gitaar, wat Megan in de gelegenheid stelt het publiek eens goed te inspecteren.

Ozzy-ode

Dat publiek bestaat dus voor een deel uit metalheads, die aan het eind van het akoestische blok goedkeurend knikken bij referenties aan Ozzy Osbourne in de gloednieuwe compositie Devil Music. Songtitels van de gemiste Prince Of Darkness (o.a. Mama, I’m Coming Home en Crazy Train) zijn slim in de tekst geplaatst en op die momenten doemen hier en daar de nodige ‘devil horns’ op in de zaal. Die mogen nog even omhoog blijven voor het heaviest nummer van de avond: Bad Spell, een ode aan Screamin’ Jay Hawkins.

Pas helemaal aan het einde, bij de toegift Bloom Again, gaat de voet weer van het gaspedaal en staan opnieuw de akoestische roots en de oorstrelende samenzang centraal. En zo bewijzen Rebecca en Megan Lovell, na eerder al furore te hebben gemaakt op uiteenlopende festivals als Bospop en Down The Rabbit Hole, vanavond nog eens hoe veelzijdig Southern rock kan zijn. Én hoeveel beter Larkin Poe live klinkt dan op plaat, maar dat spreekt bijna voor zich in dit genre.

Vlijmscherpe Southern rock

Hoewel het vooral de classic rock-georiënteerde media zijn die de band omarmen, is er geen enkele reden om aan te nemen dat deze muziek niet ook jonge luisteraars aanspreekt. Vanavond staan er genoeg in de zaal, naast uiteraard de doelgroep die al rondliep in de hoogtijdagen van de bands waar Larkin Poe op voortborduurt (sommige van die artiesten, ZZ Tops Billy Gibbons voorop, doen maar wat graag een goed woordje voor Rebecca en Megan). Bluegrass mag dan op z’n retour zijn, dat geldt duidelijk niet voor de vlijmscherpe (Southern) rock waarmee de Lovells 013 platspeelden. En wellicht wonnen ze toch ook wat nieuwe zieltjes voor het uitstervende genre dat zijzelf blijven koesteren en waarmee ze vanavond de hele zaal stil kregen. Nou ja, los van die kerel aan de bar dan.

Larkin Poe in 013, Tilburg
Gezien op zaterdag 25 oktober 2025
Foto’s door Anne-Marie Kok

1 Reactie

  1. Hans 26 oktober 2025 Reageer

    Ik was er gisterenavond ook bij en het was weer beter dan de vorige keer (Tivoli Utrecht). Wat mij ook iedere keer dat ik Larkin Poe zie spelen weer opvalt is de drive en het enthousiasme van de dames Lovell. Volgende keer ben ik weer bij!

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *