John Hiatt in De Doelen (live-recensie)

  • John-Hiatt

Paradiso, Amsterdam, 1979. Dat was de zaal, de stad en het jaar waarin John Hiatt voor het eerst in Nederland optrad, zo herinnert hij zich maandagavond tijdens het laatste van twee afscheidsconcerten in De Doelen, Rotterdam. Destijds verbaasde de singer-songwriter zich erover dat bezoekers – anders dan in zijn eigen land – de teksten woord voor woord konden meezingen en als dank voor die vroege support zet Hiatt ‘een lied over het stelen van auto’s’ in: Tennessee Plates. Het is slechts een van de vele parels uit een lijvig songbook die de 73-jarige Amerikaan ten gehore brengt. Tijdens dit volledig solo-akoestische optreden vraagt Hiatt nog één keer het maximale van zijn inmiddels aanzienlijk geslonken stembereik.

Zo’n akoestisch concert van een gerespecteerde singer-songwriter blijft altijd iets bijzonders. Zo zag ik drie jaar geleden een onemanshow van Steve Earle die meer indruk op me maakte dan alle eerdere keren dat ik hem zag spelen met zijn begeleidingsband The Dukes. Daar op het podium van TivoliVredenburg stond een beer van een vent zijn ziel uit te storten. Helemaal in z’n uppie, bewapend met slechts een gitaar, een harmonica en inmiddels flink door het leven aangevreten stembanden. Adembenemend! Het cliché dat echt goede songs ook overeind blijven als je ze ontdoet van alle poespas kon daar weer van stal gehaald worden – zoals ook bij John Hiatt in Rotterdam vanavond.

Laatbloeier

Toch is er een belangrijk verschil. Hoewel Earle in zijn jonge jaren best een mooie countrystem had, profileerde hij zich nooit per se als een geweldige zanger. Dat geldt des te meer voor die andere laatbloeier. John Hiatt’s sterkste platen, waaronder het succesvolle Bring The Family (1987), Slow Turning (1988) en het meesterlijke Walk On (1995), zijn mede zo krachtig omdat de man in die tijd als vocalist niet onderdeed voor, zeg, Van Morrison. Neem die intense hoge uithaal in de ballad Tip Of My Tongue: daar zou hij anno 2026 echt niet meer bij in de buurt kunnen komen. Logisch ook op deze leeftijd, maar de vorige keer dat ik Hiatt zag optreden – in 2015 als headliner van het festival Roots In The Park – was hij nog tot veel meer in staat dan nu tijdens zijn European Farewell Tour.

‘Songwriter’s songwriter’

Even wennen dus voor wie Hiatt alleen kent van zijn oude platen, maar in uitgeklede vorm komen zijn songs vanavond toch goed tot hun recht. En wat voor een nummers. De naam van deze ‘songwriter’s songwriter’ zie je zelden terug in lijstjes met de beste liedschrijvers op aarde – Bob Dylan, Joni Mitchell, Jackson Browne, Randy Newman – maar daar hoort hij absoluut in thuis, zeker ook als je bedenkt dat diezelfde Dylan lang geleden nog een nummer van hem coverde (The Usual). En niet alleen hij: Buddy Guy (Feels Like Rain), Bonnie Raitt (Thing Called Love), Linda Ronstadt (When We Ran) en de onlangs ook al voor afscheidsconcerten naar Nederland afgereisde Emmylou Harris (Icy Blue Heart)… de lijst is eindeloos. ‘Onze eigen’ Ilse DeLange bracht zelfs een compleet album met Hiatt-schrijfsels uit (Dear John, 1999).

Vanavond verandert de hoofdzaal van De Doelen anderhalf uur lang in een grote folkclub, voornamelijk gevuld met mensen die er in ’79 ook bij hadden kunnen zijn toen Hiatt voor het eerst ons land aandeed. Ergens was het passend geweest als hij opnieuw Paradiso had uitgekozen voor zijn – waarschijnlijk – allerlaatste optredens, maar de chique locatie in Rotterdam leent zich wellicht meer voor soloconcerten als deze. Tijdens deze tour lijkt Hiatt de setlist steeds om te gooien, waardoor de bezoekers die de website setlist.fm bij de hand houden bijvoorbeeld verrast worden door een van zijn mooiste en meest sfeervolle ballads: Lipstick Sunset. Al moet je de goddelijke slidetonen van Ry Cooder er vanavond dus zelf even bij denken.

Zelfspot

Het verhalende Seven Little Indians heeft in de akoestische versie ineens iets weg van een Guy Clark-song. Hiatt zelf zal dat ongetwijfeld als compliment opvatten. Niet elk nummer vereist zo’n aangepast arrangement, getuige de drie selecties van het toch al door akoestische gitaren gedomineerde album Crossing Muddy Waters (2000). Hetzelfde geldt voor All The Lilacs In Ohio van zijn nog altijd nieuwste plaat Leftover Feelings (2021).

Maar Perfectly Good Guitar, een ‘protestsong’ over de gitaarslopers van deze wereld, moet het nu dus doen zonder de beukende drums en Neil Young-achtige gitaaruitbarstingen van de studioversie. In plaats daarvan klinkt een harmonica, een instrument dat je Hiatt niet vaak hoort bespelen. Daarover vertelde hij me eens met typerende zelfspot in een interview: “Vroeger moest je als folkzanger een mondharmonica hebben, net zoals Bob Dylan. Ik heb het instrument ook altijd al bespeeld… heel pover, dat wel. Ik ben er slecht in en er nog trots op ook!”

In songs als deze moet de bebrilde liedmeester knokken om de hoge noten te halen waarmee hij lang geleden de lat erg hoog voor zichzelf legde. Dat merk je bij alle composities van voor 2006, dus tot aan het pakkende Master Of Disaster (“I know him on a first-name basis”, grapt Hiatt bij de aankondiging). Voor The River Knows Your Name lijkt hij aanvankelijk zelfs even te moeten zoeken naar de juiste toon. Het gloednieuwe Weightless In My Arms is echter op maat gemaakt voor zijn huidige vocale capaciteiten – een mooie poëtische ballad die doet vermoeden dat de beste man echt nog wel een ouderwets sterke plaat in zich heeft, juist als hij het klein en intiem houdt.

Dankbaarheid van twee kanten

Hiatt blijkt ook een betere gitarist dan sommigen misschien zouden verwachten op basis van zijn platen. Op het aanstekelijke, destijds door bassist Nick Lowe aangestuurde ritme verwerkt hij in Thing Called Love een aantal puike blueslicks – ‘perfectly good guitar’, indeed. Je begrijpt meteen waarom B.B. King en Eric Clapton wel raad wisten met zijn Riding With The King, dat Hiatt afstoft voor de toegift. Een lied uit zijn tijd als ‘angry young man’ in de voetsporen van Elvis Costello, enkele jaren voordat Bring The Family hem een definitieve doorbraak bezorgde en hij een grote naam binnen de Americana werd.

“Thanks for having a little faith in me for 47 years”, klinkt het voordat hij zijn laatste nummer inzet. Natuurlijk mag Have A Little Faith In Me (van datzelfde Bring The Family) niet achterwege blijven. Ook hier valt op dat er van het volle, krachtige stemgeluid van weleer weinig over is, maar het lied ontroert als vanouds – des te meer omdat Hiatt in de hogere uithalen meer vraagt van zijn stembanden dan ze hem nog kunnen bieden. Tijdens de tweede staande ovatie van vanavond wandelt de singer-songwriter al meeklappend richting de coulissen. De dankbaarheid komt duidelijk van twee kanten. John Hiatt’s werk zit er hier op: na dit memorabele afscheid van de Nederlandse podia is het aan nieuwe generaties om zijn rijke oeuvre te ontdekken. Een songbook doorspekt met humor, hartzeer en hoop. De man zong het zelf al op een van zijn mooiste platen: ‘Only the song survives’.

John Hiatt in De Doelen, Rotterdam
Gezien op maandag 6 juli 2026
Foto’s door Ans van Heck

0 Reacties

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *